• Français
  • Nederlands
  • English

In de vallei, langs de "Grote Beek", kende men vanaf de 16e eeuw smederijen. Er is eerst sprake van een molen en later de smederijen van Buzenol, juist aan de voet van het dorp.

Het dichte loofbos, het profijt van vele waterstromen en metaaladers die dicht aan de oppervlakte komen, maakten van heel de Gaume, een ideaal gebied voor metaalindustrie.

Door de gunstige de ontwikkeling van de bedrijven in Buzenol, kon men niet alleen uitbreiden met de bouw van een mooi herenhuis uit de 17e eeuw, maar ook met de nodige ruimten in de 18e en de 19e eeuw, precies onder de steile heuvel van Montauban. Deze ruïnes zijn op verscheidene plaatsen nog zichtbaar langs de weg die rond de heuvels slingert.

In de 19e eeuw was er een constante vraag naar bevoorrading en exploitatie van cokes voor de industriën van Luik, Henegauwen en Lotharingen, dat verklaart de Gaumse ijzerindustrie.

 

Tegenwoordig worden de smederijen van Montauban gebruikt door het centrum "hedendaagse kunst" van Belgisch Luxemburg, die een buitengewoon kader geven aan artiesten van naam.

De te volgen ideeën zijn altijd gegroepeerd rond totale integratie met de natuur.

Meer info over de smederijen in de Chronique van de Gaumse musea, 219-62, 2009.
(Zie de omslag).